KAMERFIBRILLEREN

Home / Patiënten / KAMERFIBRILLEREN

Wat is kamerfibrilleren?

Kamerfibrilleren, ook wel ventrikelfibrilleren of VF genoemd, is een ernstige hartritmestoornis, die ontstaat in één van de hartkamers.

De hartkamers worden snel en chaotisch geprikkeld, waardoor ze niet meer samentrekken. Hierdoor kan het hart het bloed niet meer goed uitpompen. Als gevolg van kamerfibrilleren komt de bloedsomloop tot stilstand. Er is in feite sprake van een hartstilstand.

afbeelding ventrikelfibrilleren

Klachten en verschijnselen

Meestal wordt iemand plots onwel en raakt hij buiten bewustzijn. Er is bovendien geen polsslag voelbaar. Soms voelt de patiënt vlak daarvoor duizeligheid, pijn op de borst, benauwdheid of hartkloppingen. De ademhaling stopt. Als de patiënt niet meteen wordt gereanimeerd, overlijdt hij binnen enkele minuten.

Ook kunnen personen in de periode voorafgaand aan de hartstilstand al klachten hebben gehad die te maken kunnen hebben met de oorzaak voor het ontstaan van kamerfibrilleren, zoals:

Hartkloppingen
Duizeligheid
Onverklaarde wegrakingen
Kortademigheid
Pijn op de borst
Moeheid
Vocht vasthouden

Oorzaken

Kamerfibrilleren op jonge leeftijd heeft vaak een erfelijke oorzaak. De volgende erfelijke oorzaken kunnen een rol spelen:

• Erfelijke elektrische hartziekten
• Hartspierziekten
• Hartinfarct ontstaan door een erfelijke oorzaak van aderverkalking

Soms blijft de oorzaak onbekend.

Diagnose

De cardioloog doet onderzoek om de oorzaak voor het kamerfibrilleren te vinden. Er kan naar de elektrische signalen van het hart worden gekeken met een hartfilmpje (ECG) en afgeleiden hiervan (holteronderzoek, inspanningstest, medicatietesten). Er kan een scan (echocardiogram, MRI- of CT-scan) van het hart en de kransslagvaten worden gemaakt om naar de vorm en beweging van het hart en naar de aanwezigheid van kalk en littekenweefsel te kijken. Via een hartkatheterisatie kan worden gekeken naar aderverkalking van de kransslagaders.

In het bloed kan worden gekeken naar het cholesterol en andere vetten.

Behandeling

Kamerfibrilleren gaat nooit spontaan over. Er is een elektrische schok nodig met een defibrillator om het hart weer in het normale ritme te krijgen. Na een succesvolle reanimatie is de behandeling gericht op het voorkomen van kamerfibrilleren. De meest voorkomende behandelingen zijn:

Het plaatsen van een ICD;
Medicijnen;
Een dotter- of stentbehandeling bij vernauwingen in de kransslagaders;
Een bypassoperatie bij vernauwingen in de kransslagaders;
Een ablatie: dit is het lokaal wegbranden of bevriezen van hartweefsel om de plek uit te schakelen waar de ritmestoornis ontstaat.